Happy song
Je zult Barry heten. Ik ken iemand die zo heet. Best leuk als er een stad, plaats, of dorp naar je genoemd wordt, zou ik zeggen. Barrytown is echter niet zo groot als de naam doet vermoeden. Het valt eerder in de categorie vijf huizen en een pub aan een doorgaande weg. Maar met een beetje goede wil, een uitgebreide atlas en een loep, kun je een eind komen. Nieuw Zeeland, Zuidereiland, Westkust; een paar tientallen kilometers boven Greymouth. Hoe kom je er terecht? En vervolgens: hoe kom je er weer weg?
's Morgens was ik in Christchurch op de bus gestapt. Ik had een Stray-buspas gekocht die mij een schier onbeperkte hoeveelheid mogelijkheden gaf om over het Zuidereiland van Christchurch naar Christchurch te toeren. Coast to Coast was de toepasselijke naam van de busmaatschappij waarmee ik het eerste traject over Arthurs Pass ging afleggen. Het was een mooie toer waarop we warm welkom werden geheten door een zeer vriendelijke buschauffeur, die ook de rest van de reis alle bezienswaardigheden van passend commentaar voorzag. Zo heerlijk Amerikaans klantgericht die lange afstandbussen in Australië en Nieuw Zeeland. 'Dames en heren, welkom aan boord van deze Intercity, Greyhound, Coast ot Coast (or whatever) bus. We zijn op weg van Christchurch naar Greymouth met een tussenstop in Arthurs Pass. Hier zullen we om 10:30 uur aankomen en om 11:00 uur weer vertrekken. Om half een zullen we in Greymouth zijn, waar u eventueel kunt overstappen op een aansluitende bus. Het is niet toegestaan om aan boord van deze bus te roken, te eten of te drinken. Als u vragen heeft, stelt u ze gerust. U kunt naar voren komen lopen of aan het koord trekken dat boven uw hoofd bevestigd is. Voor uw eigen veiligheid raad ik u aan om de gordels vast te maken. Namens Coast to Coast busreizen, wens ik u een prettige reis en alvast bedankt voor het reizen met onze maatschappij.'
Net echt, alsof je een enorme onderneming bent begonnen, terwijl niets gemakkelijker is dan in zo'n overgeorganiseerde bus stappen. Ik ben compleet verbaasd als we zelfs onderweg nog extra stops maken om foto's te kunnen nemen.
Via een overstap in Greymouth vervolgens met de Intercity bus een half uurtje noordwaarts. Met piepende remmen komt de bus precies op tijd tot stilstand. Twee seconden later zou immers betekenen dat we het dorp in zijn geheel al gepasseerd zouden zijn. All Nations Hotel was de wel heel ruim bedachte naam van deze pub annex backpackers. De avond ervoor was het feest geweest dus het geheel maakte nogal een ontplofte indruk waarvoor uitvoerig excuses werd aangeboden.
Vijftien kee's (kilometer) verderop ligt Panakaki met haar beroemde Pancake Rocks. Ik dacht daar even met de bus naar toe te rijden, maar die gaat slechts één keer per dag en daar was ik net uitgestapt. Je kunt je duim in je mond stoppen maar ook in de lucht. Zo stonden Emma (meisje dat dezelfde tour als ik zou gaan maken) en ik vijf minuten later te liften. Meteen raak. Toyota busje met een backpackersstel dat lekker in Nieuw Zeeland aan het rondtoeren was. Koelboxen, slaapzakken, kookspullen en nog wat tassen werden opgeschoven zodat we er gemakkelijk, wat zeg ik, "ruim" bij konden. En het was maar voor even. Bij twee restaurantjes en een info-centrum (natuurlijk, dat staat hier in Nieuw Zeeland op iedere (on-)mogelijke plaats waar (n)iets te bezien of te bezoeken valt); wat meteen het hele dorp Panakaki vormde, stapten we uit. Ondertussen was het onwaarschijnlijk warm, zeg maar gerust: heet, geworden. Rondje over het perfect aangelegde circuit gelopen, dat ons foutloos langs de uitzichtpunten leidde. Best bijzonder die uitgeslepen rotsen die ook in mijn ogen wel wat weg hebben van een enorme stapel pannenkoeken. De zee was nu rustig; met storm moet het echt enorm indrukwekkend zijn.
Maar toen de grote grap: nu ook weer terug naar Barrytown. Het duurde wat langer, maar na een auto of tien stopt een echtpaar van een jaar of vijftig, zestig. Ze kwamen uit Engeland uit de buurt van Londen. Ik noemde Harpenden, daar woont Marieke per slot van rekening heden ten dage en ik ben er van de zomer nog geweest. Guess what? Komen ze uit het dorpje zo ongeveer ernaast. Nu hadden we wel tot volgende week mee mogen rijden! Waarom ze ons meenamen? Hun zoon was vorig jaar op reis geweest en had hun gezegd dat ze iedere liftende backpacker (hetgeen hij zelf ook was geweest) moesten meeneemen. Aldus geschiedde.
De Stray-bus zou om vijf uur aankomen; het werd acht uur. Ondertussen had ik het strand al bezocht, gegeten en gedoucht. Het leek alsof de Filistijnen binnenkwamen. Toen ook nog eens en passant vermeld werd dat de bus vol was en ik nóg een dag in Barrytown zou moeten blijven, werd ik bijkans gek. Niet dus!
Ik maakte de ongelofelijk domme fouten om a) mij verantwoordelijk te voelen en b) om met een oplossing te komen. Dat leer je snel af. Uiteindelijk gingen twee anderen de volgende de dag met de intercity bus en kon ik met deze ietwat uitgeleefde bus met prettig gestoorde Alison als chauffeur, mee. En speciaal voor de nieuwe reizigers draaide ze (voor de zoveelste keer) de happy song: Always look on the bright side of life (van de film The life of Brian van die Monty Piton club). Jackie Bouter, nr ZX 4810, buspas Q, was eindelijk onderweg.
|