Droomkasteel
Voordat het 'echte werk' weer gaat beginnen, ga ik nog een paar daagjes naar Londen. Daar woont Marieke met man en kids en zij staat mij al op te wachten als ik op Heathrow naar buiten loop. Wat een luxe! Geen gezoek naar bus of trein, maar een vriendin die je met de auto komt ophalen. 'Tante Jacq!', roept Jasmijn al opgetogen, 'wil je straks mijn kasteel zien? Daar kunnen we samen in spelen'. Ik schiet in de lach. Een kasteel, denk ik bij mijzelf, daar kan ik alleen nog maar over dromen. Op zulke momenten zou ik zo graag zelf nog even kind zijn. 'Ja hoor, dat is goed', antwoord ik haar. Ter bevestiging grijpt zij mijn hand. Zo, dat is geregeld; die kan niet meer weg, zal ze gedacht hebben. Van Boris krijg ik een dikke glimlach. Dankzij mij mist hij zijn middagdutje. Vooralsnog schijnt hem dat niet te deren. Eenmaal bij Marieke thuis aangekomen, is het moeilijk om de aandacht te verdelen. Ik wil bijkletsen met Marieke, maar ik heb beloofd om te gaan spelen. En dan nog zo'n vrolijke baby, waarmee het zo leuk blauwbilgorgelen is (of hoe noem je dat 'praten' op die leeftijd?). Om de beurt dan maar. Als we 's avonds met zijn tweeen (manlief is met vrienden de hort op) onder het genot van een glas wijn aan tafel zitten, hebben we echt tijd om even bij te kletsen. Je kent dat wel: vriendinnen onder elkaar. Het is ontzettend gezellig en al snel veel te laat. Wat is zo'n avond toch ernstig veel te kort!
De volgende dagen trekken we er veel op uit. Van terras met lunch naar speeltuin met schommels en van St. Albans, voor de heerlijke Engelse winkeltjes, naar Covent Garden voor het Italiaanse restaurantje; het is voor mij nog even heerlijk vakantie!
Maar ook hier komt al snel een einde aan. Als ik donderdagmorgen opsta heb ik absoluut nog niet het gevoel dat ik 's avonds alweer in het vliegtuig zal zitten. Ik lijk het nog even niet te willen. Aan het einde van de middag brengt Marieke mij naar de trein. We rijden de oprit van het huis af en de waterlanders nemen de overhand. Afscheid nemen blijft naar. Omhelsing, drie zoenen, kusjes voor de kids en weg. Niet moeilijker maken dan het is. Soms vraag ik mij af hoe gek ik ben. Je gaat iets doen wat je ontzettend graag wil en doet, maar iedere keer is het even lijden. Of is dat nu juist de essentie ervan?
Daar komt de trein al aan. Ik stap in, ga zitten en zie het Engelse landschap aan mij voorbij trekken. Een landschap van kastelen en ik galoppeer in dit ijzeren paard er dwars doorheen. Via luchtkastelen op weg naar de volgende droombestemming. My home is my
castle. Droomkasteel.
|