Watervallen van stilte
Victoria Falls Backpackers heet de oase in het dorre vlakke Afrikaanse landschap dat zich niets van staatsgrenzen aantrekt en vanuit de lucht er in Zimbabwe nog net zo drooggeel uitziet als in Zuid Afrika. En heb zeker niet, wat zeg ik, nooit de illusie dat je op reis geen Nederlanders tegenkomt. Dan kun je beter thuisblijven. Ik wed dat je er dan minder spreekt. Gezellig!!! Om maar eens een oer-Hollands woord te gebruiken. Althans, voor het Nederlandse stel dat met hun dochters en aanhang met een auto door zuidelijk Afrika scheurt. En voor Helen en Emiel die net hun vakantie begonnen zijn. En voor mij. Niet voor de Zwitserse jongen die onze taal niet machtig is en ondanks onze verwoede pogingen tot Engelstalige conversatie, luistert hij stilletjes toe en kiest hij eieren voor zijn geld. Of is het omdat hij in de gaten heeft dat de hele goegemeente probeert hem aan mij te koppelen? Arme jongen. Als je denkt dat met zijn vertrek de kous af is, dan heb je het faliekant mis. Dan begint het pas. Hij zou met een roos tussen zijn tanden op een van de dormbedden op mij liggen te wachten (smachten?). Hoe romantisch, zo met volle maan. Kortom, zo gezellig is het dus als je Nederlanders onderweg tegenkomt. Alle gekheid op een stokje; we hebben wel gelachen. Maar kom je daar helemaal voor naar Victoria Falls?
Nee.
Echt absoluut, stil-, enthousiast- en indrukmakend zijn de Victoria Falls. Als we, Helen, Emiel en ik, de volgende dag bij de watervallen lopen, kan ik mijn geluk niet op. Allemachtig, wat zijn die mooi! Groots, meeslepend en magistraal. Wat een schitterende, klaterende watermassa! Woorden schieten te kort en mijn camera's blijven klikken. Voor ieder woord een foto; voor iedere zin een rolletje.
'It had never been seen before by European eyes; but scenes so lovely must have been gazed upon by angels in their flight', schreef David Livingstone in zijn dagboek toen hij voor het eerst in november 1858 de watervallen gezien had. Ik zou zoiets in die trant bewaard hebben voor de mooiste vent in mijn leven, maar het is waar. Na alles wat ik deze reis al heb mogen aanschouwen, ben ik toch weer verrast door deze natuurpracht en -kracht. Met een breedte van 1,7 kilometer en een hoogte tussen de 90 en 107 meter, laten de watervallen gemiddeld 550.000 m3 water per minuut naar beneden storten. En van maart tot mei kan het tot tien keer zoveel zijn. Voorwaar geen kattepis. 'Mosi-ou-Tunya', de rook die dondert, zeggen de locals hier. Dat is te begrijpen als je een douche kan nemen in de vliesdunne regenwaas van opspattend water. Lekker hoor, als de temperatuur op zo'n dag als vandaag de dertig graden op zijn sloffen passeert.
Nu wil het geval dat de Vic Falls precies op de grens liggen. Wat is oorzaak, wat is gevolg, kun je je afvragen. Zimbabwe en Zambia delen de Zambezi rivier en daarmee de watervallen. Zodoende stappen we gedrieën vrolijk verder. De brug en daarmee de grens naar Zambia over. In Zambia mag ik nogmaals sprakeloos juichen van geluk. Staand op de brug, op bijna aanraakafstand van de watervallen, verschijnt opeens de regenboog in het water. Ademloos genietend, ben ik amper in staat om deze schoonheid op waarde te schatten. Het is grensoverschrijdend. Zwijgend sla ik dit wonderbaarlijke fenomeen gade.
's Avonds bij het kampvuur laat ik in stilte de dag nog eens de revue passeren. In de verte hoor ik het rustgevende geluid van duizende liters naar beneden stortend water. Ik denk terug aan de watervallen, de regenboog en de engeltjes van David. Toch mooi bedacht. Zou het honderdvijfenveertig jaar geleden ook volle maan geweest zijn? Op die ene november dag? En waar zou Livingstone aan gedacht hebben toen hij 's avonds zwijgend bij het kampvuur zat? Ook aan de watervallen, de regenboog en de engeltjes? En zou hij zich, net als ik, afgevraagd hebben waar de uitdrukking 'waterval van woorden' vandaan komt? Het klinkt zo tegenstrijdig; druk gepraat zonder waar te nemen tegenover zwijgend luisteren naar de natuur. Watervallen. Ik word er juist stil van.
|