Het Heiligdom
In Mission Beach kun je echt van alles doen: raften, zeekajakken,
snorkelen, duiken, skydiven om maar een paar voorbeelden te noemen. Dat
klonk wel heel erg energiek allemaal. Nee, dan klonk een verblijf in The
Santuary wel een stuk beter. Toegegeven het klinkt alsof je in een
klooster in retraite gaat, maar het is net iets anders. Na een rit door
het regenwoud met hellingen zo steil dat je echt een 4wd jeep nodig hebt
en je heuppartij na afloop de helft geslonken is omdat je achterin tussen
de voorbank (links) en je medepassagiers (rechts) vakkundig in elkaar
gedrukt bent, een warm welkom in the middle of nowhere.
Het hoofdgebouw (the long house) op palen straalde een aangename rust uit
(en de muffins stonden alweer goudgeelglimmend naar mij te knipogen). Het
zag er allemaal prima uit.
En toen de verrassing! De hut waarin we (ik reis nog steeds met Clare
samen) zouden slapen. Stel je voor: je loopt over een houten steiger een
tiental meter de bush in. Daar staat een hut van ongeveer drie bij vier
meter. Houten vloer, wanden van groen gespannen muskietennet en daarop een
groenpuntdak van zeil. Binnen stonden twee bedden met een tafeltje
ertussen. Welkom in deze mega klamboe! Het welbekende "goh, wat een lekker
leven gevoel" had ik op deze manier toch wel weer mooi voor elkaar. Boek
erbij en ik was weer helemaal gelukkig.
's Nachts slaap je dus als het ware in de open lucht en Me Jane(t) [geen
Tarzan gezien] vond het helemaal geweldig! Tel er nog een volle maan bij
(wel zo handig als je 's nachts naar het in het hoofdgebouw gelegen toilet
moet lopen; nee hier laat ik het in het wild plassen wel uit mijn hoofd!)
en ik laat de conclusies aan jullie over.
Strand, goed eten en drinken, lekker slapen, het begint een gewoonte te
worden. En. een cassowarie (een met uitsterven bedreigde soort
Australische vliegende kalkoen [er zijn er nog zo'n 40; en dat met de
Kerst in het vooruitzicht.] ) gezien. Toch nog iets spannends meegemaakt.
|