De wereldreis van Jackie Turbo
Ko Phagnan, Thailand

AankomstWoensdag, 19 December 2001
VertrekWoensdag, 2 Januari 2002
Laatste updateDonderdag, 24 Januari 2002

Hij heette Brad en bestelde een fles rode wijn...

en nippend van onze glazen keken we dromerig naar Harry Potter. 's Middags hadden we samen in de zelfde taxi (pick-up truck) gezeten, die ons van de boot in Tongsala naar Haadrin (mijn plaats van bestemming) had gebracht. Geen van tweeen wisten we de weg en aangezien we beiden trek hadden, eerst maar eens wat gegeten om tevens een plan de campagne te maken om een slaapplaats te vinden. Dit laatste bleek een grotere uitdaging te zijn dan dat ik van tevoren had ingeschat. Best logisch met Kerst en Full Moon party en Oud en Nieuw voor de boeg. Na een half uurtje rondstruinen en al het Josef en Maria gevoel te krijgen, hadden we geluk: een bungalow leeg. Weliswaar duur, maar dat was nog niet eens zo erg; erger was dat er een tweepersoonsbed in stond. Ehm... ik zei niets. Gelukkig zijn er niet alleen Nederlanders maar ook Engelsen indertijd naar Australie gestuurd en deze Brad bleek nog iets van een gentleman in zich te hebben door te zeggen: 'Ladies first'. Yes! Ik had een slaapplaats. En nu maar duimen dat hij iets anders zou vinden. Weer geluk; na vijftien minuten kwam hij zijn rugzak ophalen. Mooi, ik kon eens lekker rustig gaan douchen; daar was ik wel aan toe na anderhalve dag reizen en temperaturen waar ik echt nog aan moest wennen. Ik was nog niet nauwelijks schoon, fris en opgedroogd of Brad stond weer voor mijn deur. Nee he! Afijn, je kunt nog niet zo lomp en/of bot als ik zijn of je biedt hem een stoel op je veranda aan en kletst wat. Over reizen en wat je mist (je fam, je vrienden, en rode wijn dus) en al dat soort reizigerspraatjes. Om een lang verhaal kort te maken: hij vertrok de volgende dag naar het volgende eiland voor een duikcursus en vroeg of ik met hem mee ging (nee, dus) en we gingen 's avonds wat eten (met die wijn dus; na twee slokken stuiterde ik bijna van mijn stoel. Dat was ik duidelijk niet meer gewend) in een eetcafe waar de illigale dvd's de min of meer meest recente Westerse films laten zien (Harry Potter dus). Na het ontbijt de volgende dag (ja, hij stond weer voor mijn deur) moest hij 'helaas' de boot halen. Oke, emailadres kon hij nog wel krijgen, maar toen was het wel weer genoeg. Bye bye. Geen verrassing dat ik in de loop van de week nog een email van hem kreeg waarin hij nogmaals probeerde mij over te halen om naar Ko Tao te komen, maar in mijn allerbeste Engels heb ik hem vriendelijk (althans dat denk ik) verteld dat ik al een duikcursus had gedaan en op zag tegen de bootreis (wat waar was) en het hier op Ko Phagnan wel prima naar mijn zin had en oh ja, nog de beste wensen voor het nieuwe jaar. Daarna nog een tweede email met een tot ziens in Sydney; nou dat zien we dan wel weer. Einde verhaal.

Ik denk dat ik het schrijven van boeketreeks en doktersromannetje maar achterwege laat, want echt romantisch schrijven kan ik niet (terwijl ik toch best romantisch kan zijn...blijkbaar toch moeilijker om je emoties op schrift te zetten).

Altijd blijven ademhalen

is het belangrijkste en dus het eerste wat ik leerde op mijn duikcursus. Bijna had ik er uit geflapt dat dit in het algemeen toch wel een handige regel was, maar mijn angst dit de komende drie dagen nog tig keer terug te horen, weerhield mij er op het laatste moment van. Op het kantoortje van Ko Phagnan duikers werd kort uitgelegd wat het programma voor de komende drie dagen zou zijn. Dag 1: naar het zwembad en onderwater leren ademhalen en zo en 's middags terug naar het kantoortje om de video's met de duiktheorie te bekijken en de schriftelijke overhoringen te maken. Dag 2 zouden we met de boot naar een duikgebied op zee gaan en twee duiken maken en wat oefeningen doen. Aan het einde van de middag was het dan tijd voor ons theorie-examen. Op dag 3 zouden we weer uitvaren en weer twee duiken maken met weer de verplichte oefeningen.

Wellicht vragen jullie je af wat mij in hemelsnaam bezielde toen ik mij opgaf voor deze zogenaamde Padi Open Water dive course? Nou ik achteraf ook...

Het zit zo. Eigenlijk vond ik het doodeng (en eigenlijk vind ik veel dingen soort van eng), maar sinds mijn coach Joske mij vorig jaar heeft laten doen inzien dat dat alleen maar komt door mijn zwaar overdreven hang tot perfectie (als het geen 10 is of kan worden, laat dan maar, dan hoef je er niet eens aan te beginnen), zijn er toch een paar dingen veranderd. Ik mag van mijzelf gewoon dingen proberen en ik mag fouten maken en daar weer van leren en het gewoon nog een keer proberen (of niet), zonder mij daar ongelukkig, schuldig of mislukt onder te voelen. Voor het merendeel van jullie (normaal? ontwikkelde mensen) is dit waarschijnlijk de gewoonste zaak van de wereld; voor mij een van de pijnlijkste leermomenten in mijn leven. Persoonlijk vind ik het dan ook magistraal dat het haar gelukt is om een stronteigenwijs, bijdehand gebekt en altijd nadenkend element als ik tot dit inzicht te laten doen komen. Vanaf deze plaats nogmaals: Joske, enorm bedankt!

Eng of niet, ik kon het toch gewoon proberen? Hier had ik een goede kans: tijd genoeg en voor een schappelijk prijsje (best belangrijk als backpacker); wat wil je nog meer?

Zo stapte ik dag 1 (als eerste, maar dat is logisch...) het kantoortje binnen en maakte kennis met mijn duikinstructrice: Adriana (een Duitse). nu kon het niet meer stuk; mijn Opa Bouter heette immers Adriaan en alhoewel ik hem helaas persoonlijk nooit gekend heb, stond hij bekend als een krachtig persoon (al was het alleen maar om de rake klappen die hij kon uitdelen). Een uurtje later stonden we met zijn vijven (mijn mededuikcursisten waren: Vera (uit Duitsland) en Eric en Donato (beiden uit Canada) aan de rand van het in een van de duurdere resorts gelegen zwembad. We kregen eerst wat tekst en uitleg en mochten ons toen in ons wetsuit en jack (waarop de rug een duikfles met (te) veel slangen voor ademhaling en lucht en dieptemeting bevestigd was) hijsen. Het meest belachelijke aan het geheel vind ik wel de riem met de gewichten. Dit is nodig omdat je anders blijft drijven. Ter bepaling van het aantal benodigde gewichten had Adriana naar mijn gewicht gevraagd. Op zo'n moment klinkt 58 wel heel leuk, maar het idee dat je dan zoveel gewichten zou krijgen dat ik met een kilo of 6 gelogen (en dus meer) meteen als een baksteen naar de bodem zou zakken, zag ik niet echt als het ideale begin van deze cursus. Ik had netjes zestig tot vijf en zestig opgegeven (en nu maar hopen dat dat juist was, want wanneer heb ik voor het laatst een weegschaal gezien? Juist 16 september, om te wegen hoeveel ik met en zonder rugzak woog). Wie schetst ieders verbazing toen ik een gewicht meer nodig had! Dat lag aan mijn ademhaling; die was nog niet regelmatig genoeg, zei Adriana. Me dunkt, maar wat denk je van mijn longinhoud an sich? Wie was twaalf jaar oud en net tot Jackie Turbo gebombardeerd toen we bij biologieles een proef ter bepaling van onze longinhoud gingen doen? En wie was er toen degen die iedereen (ook die gasten van al bijna twee meter lang en met baard in de keel) er letterlijk uit blies? Ikke! Dat dat logisch was als je zo'n grote bek had als ik, mocht de pret niet drukken; integendeel. Ik vond dat extra gewicht daarom helemaal niet vreemd.

Anderhalf uur lang speelden we als een stel trage padden op de bodem van het zwembadje, daarmee het zwemmen voor de gasten van het resort onmogelijk makend. Echter zij bekeken ons op hun beurt alsof we marsmannetjes waren, en zo zagen we er ook uit, dus volgens mij hoefden ze niet eens meer in het water.

Met ademhalingsmondstuk, zonder, met masker en zonder (en blijven ademhalen he!), drijven, zinken en zwemmen; alles gedaan. Hierbij werden we steeds gerustgesteld en gecomplimenteerd door Adriana, die dat echt geweldig deed door steeds tegen ons te zeggen: "And you, my love, should take care of..." en "My darling, listen, if you do this.." Het klinkt simpel, maar zelf stond ik versteld van het psychologisch effect ervan.

Toen vond ik het welletjes. Met een dagtemperatuur van 35 graden celsius had ik het KOUD en wilde ik UIT het WATER. Dat bleek goed aangevoeld te worden, want we waren klaar voor vandaag. Nadat we ons aangekleed hadden en alle zut in de pickup truck hadden gedumpt, reden we weer terug naar het kantoortje. Lunch besteld en plug die videobanden er maar in. Alhoewel het de nodige uurtjes in beslag nam en ik na vijf uur ook zeker vierkante oogjes had, had ik nul fout in mijn overhoringen. Ik zeg, theorie is over het algemeen niet mijn grootste probleem. Om zeven uur 's avonds was het afgelopen en ik heb op weg naar mijn bungalowtje (ik was inmiddels verhuisd naar een stuk gezelliger en goedkoper huisje) nog een bord spagetti met seafood verorberd en ben toen zo mijn bed ingedoken (dat had ik immers vandaag geleerd...) Ik was compleet, totaal, geheel uitgeput.

Dag twee stonden we om acht uur klaar om op de boot te stappen; duikflessen en slangen en duikkleding (wetsuit, duikbril, duikjack en flippers) mee en uitvaren maar. De boot is een miniveerbootje met beneden een ruimte die voor de helft door de motor in beslag genomen wordt en waarvan de andere helft plaats biedt aan alle duikspullen. Zoals je op de kleuterschool je eigen haakje had met je naam erboven, zo had je hier, met naamplaatje en al, je eigen plaatsje waar jouw spullen klaargemaakt en gezet konden worden. Dat prepareren is een serieuze zaak, want je moet immers (kunnen) blijven ademhalen. Daarboven een dek met de stuurhut, die verboden terrein is omdat de Thaise kapitein niet van gezeur houdt, en een hele lange tafel met banken er om heen. Deze ruimte is overdekt met plastic doek, maar is in tegenstelling tot beneden, verder open. De trap aan de stuurhut leidt naar het dak er van dat tevens als zonnedek dient. Nee, met de boot was niets mis.

We zouden in eerste instantie naar Sea Rock (een rots in de zee met koraalrif) gaan; een duikplaats die beroemd is om zijn fantastische onderwatergebeuren. Helaas te hoge golven, zodat we omkeerden en in de baai van een eilandje terechtkwamen. Daar was ik niet bepaald rouwig om want de baai had een strandje en in het ergste geval liep ik het strandje op, zo had ik bedacht. Of het praktisch haalbaar zou zijn, liet mij op dat moment koud. Van al dat heen en weer gevaar was ik alleen maar zenuwachtiger geworden en vlak voordat we het water in moesten, stroomden dikke tranen over mijn wangen. Ik was bang; doodsbang. Toch het water ingegaan. Op zich ging alles volgens het boekje en daarmee goed. Ik weet niet hoe lang ik het volgehouden heb, maar ik vond het niets. Waar ik boven water in een MTV wereld terecht was gekomen, had ik onderwater op Discovery gehoopt. Het was echter meer te vergelijken met de sneeuw die onze zwart-wit tv thuis te zien gaf, vlak voordat hij halverwege 1976 definitief de geest gaf (gelukkig kregen we er toen een kleuren tv voor in de plaats!). En dan met zijn vieren aan zo'n knullig koordje afdalen terwijl je elkaar amper ziet. Nee, besloot ik, dit was niets voor mij en ik ging weer 'naar boven'. Onderwater is het lastig huilen, dus dat deed ik toen maar toen ik rillend op het bankje (bij mijn eigen naamplaatje) kon bijkomen van de schrik. Adriana had die dag de honneurs aan James gegeven omdat ze zelf last had van haar oren en neus en dat is verre van handig met duiken. Ze begreep precies hoe rot ik mij voelde, want haar eerste duik was zo mogelijk een nog grotere ramp geweest. ze stelde voor om na de lunch met zijn tweeen te gaan duiken. Zo gezegd, zo gedaan. En wat denk je? Dat ging als een tierelier (nou ja...) Handje-in-handje, type lamme helpt de blinde [waarbij ik beide vertegenwoordigde] zwommen we in het rond. Ja, leuk hoor dat anderhalf stuk rif en die drie en een halve vis die we zagen, maar echt freaking out was er nog niet bij. Braaf mijn oefeningen gedaan en ook het theorie examen aan het einde van de middag was geen probleem. Zodoende sloot ik de dag als nog met een behoorlijk voldaan gevoel af.

Dag drie. Aangezien het vandaag eerste kerstdag was, was de boot voor ons, want wie gaat er nu op eerste kerstdag duiken? Deze keer ging ik weer met de anderen mee 'naar beneden' en zonder dat ik er echt erg in had, gleed ik op 17 meter diepte over de bodem van de zee. Dat verzin je inderdaad niet; effe iets anders dan bij je ouders op de koffie gaan, zeg maar. 's Middags nog een duik met kompasoefeningen en nog wat gerommel en toen we weer op de golven ronddobberden, werd ik gefeliciteerd door Adriana; ik had zojuist mijn duikbriefje gehaald! Met gepast enthousiasme in de vorm van geluidsgolven, heb ik waarschijnlijk het ecologisch evenwicht aldaar voor minstens de komende vijf jaar verstoord, maar dat kon mij echt niet boeien. Ik had zojuist mijn diploma A voor onderwaterzwemmen gehaald en dat kon niemand mij meer afnemen!

Kan niet bestaat niet

Dat Kerst er dit jaar er voor mij anders uitzag dan voorgaande jaren hadden jullie vast al wel begrepen. En dat heeft ook zo zijn kanten. Voor mij begint Kerst eigenlijk altijd al op de 24e. Niet 's avonds, nee, 's morgens al. Waarom? Omdat ik op die dag altijd precies en-een-half-jaar ben. Dit jaar dus 32 en-een-half jaar. Echter, sinds vorig jaar heeft deze dag er nog een hele speciale betekenis bijgekregen. Toen is mijn Oma, Jannetje Nederlof - de Koff op 95 jarige leeftijd, overleden. En af en toe mis ik haar zo vreselijk. Hoeveel keer en hoeveel weken hebben An en ik wel niet bij Opa en Oma gelogeerd? En hoeveel plezier hebben we daar wel niet aan gehad? Heel veel! En hoe blij was Oma iedere keer weer (Opa was toen al overleden) als je langskwam [Oh Jacqueline, wat ben je groot / mooi / heb je mooie kleren aan!]. Terugdenkend aan deze goede tijden herinnerde ik mij opeens het volgende voorval. Ik was een jaar of acht en Opa en Oma logeerden bij ons. Oma zat achter de naaimachine nieuiwe kleren voor An en mij te maken. Oma en ik kletsten wat en waar het over ging zou ik echt niet meer weten. Wat ik wel weet is dat Oma op een gegeven moment zei: 'Kan niet bestaat niet'. Blijkbaar had ik beweerd dat ik iets niet kon (toen had ik er dus al last van) en dat ging er duidelijk bij Oma niet in. Ik schrok mij naar en vond Oma prompt zo lief niet meer. Ze liet mij immers ter plekke in de steek (althans zo voelde ik dat) en dat kwam hard aan. Nu, jaren later uitgerekend op deze memorabele dag, ga ik voor het eerst op zee duiken en klinkt het in mijn hoofd: 'Kan niet bestaat niet'. Dank u wel Oma, u had helemaal gelijk en ik zal het nooit meer vergeten.

Eerste Kerstdag lag ik overdag, net als de dag er voor, onderwater te spartelen. 's Avonds ben ik voor het eerst kennis gaan maken met het partygebeuren hier in Haadrin op Ko Phagnan. Om een uur of twaalf was het al erg druk op het strand en ik raakte aan de praat met wat medereizigers. Dat het toch een ander slag reizigers is wat hier verblijft, had ik al gemerkt; meer kliekjes en meer types die twee maanden op Ko Phagnan feesten, dan weer naar huis gaan en dat dan reizen noemen. Daarnaast ben ik die avond wel een keer of vier, vijf gefeliciteerd. En wel omdat ik ab-so- luut de meest 'coole' tante van allemaal ben (ondanks mijn No thank you, I don't smoke, wat natuurlijk ontieg'lijk suf is, maar ook wel weer wordt begrepen als je zegt dat je uit Holland komt. Daar mag immers alles en dan is het ook niet meer spannend en zo en hoef je er ook niet voor naar Ko Phagnan af te reizen.). Hoezo dan 'cool'? Rhm.. tsja laat ik het zo zeggen: er zijn veel reizigers, heel veel reizigers op deze wereldbol. De meesten zijn net klaar met hun studie of komen uit dienst (in Israel moet iedereen in dienst) of hebben met een paar vage baantjes wat geld bij elkaar gespaard en kunnen nu een paar maanden weg. Ze zijn hun reis wel vaak alleen begonnen, maar hebben zich vaak aangesloten bij andere reizigers en reizen in groepjes verder. Maar iemand die een heuse hypotheek en een heuse baan en een heus auto heeft en simpeltjes [zo denken ze; ze moesten eens weten...] haar huis verkoopt en haar baan opzegt, nog nooit alleen gereist heeft, laat staan met een rugzak, die een enkeltje Delhi koopt (wie BEGINT er nu in India???) en zegt: "Hallo wereld, hier ben ik", ja zo iemand is blijkbaar behoorlijk cool en dus een felicitatie waard. Rare lui die extacyhappers hier. Na een paar uur rondgesprongen te hebben, was het weer mooi geweest (ik ben ook geen 18 meer).

Tweede Kerstdag heb ik compleet niets gedaan: op het strand gelegen, gelezen, geslapen en mijzelf op een heerlijke verse vismaaltijd getrakteerd en genoten van het goede leven.

Of ik mijn dat geen moment allen gevoeld heb deze kerst? Ja natuurlijk wel. Wat denk je dat er door mij heen gaat als ik het nummer: 'One more time' van Daf Punk hoor? Dit Koninginnedagnummer van het jaar 2001 waarmee een nieuwe periode in mijn leven aanbrak; dankzij Dees leerde ik die dag weer opnieuw wat 'leven' is (en drinken, maar dat is inherent aan Koninginnedag) doet mij iedere keer als ik het hoor weer opspringen van vreugde. Zo ook hier op dit party-eiland. Tegelijkertijd mis ik dan ook wat: mijn vriendjes, vriendinnetjes en familie. Dat voelt op zo'n moment stevig leeg en doet mij een keer heel diep ademhalen.

En als je alleen achter je kerstmaal zit, denk ik terug aan de tweede dag van de trekking in Nepal. We zitten met zijn allen aan tafel, als ik van uit mijn ooghoeken ineens een zoeven nog lachende Francaise van een jaar of vijf en dertig in tranen zie. Razendsnel schieten de gedachten door mijn hoofd: wat kan er aan de hand zijn? Zojuist zat ze nog te lachen? Ik besef dat ik even te voren onbewust het geritsel van papier heb gehoord en in een 'split second' weet ik wat er gebeurd is: lachen, kadootje uitgepakt, ten huwelijk gevraagd, ring. Ik kijk naar haar hand en val bijna achterover van verbazing; dat is niet zomaar een ring! dat is een enorme gouden ring met enorme edelstenen! Ik kijk haar aan; ze lacht al weer. 'Ja, zij wel...' is wat er op dat moment door mijn hoofd schiet.

Of die andere keer dat de volgende tamelijk sinistere gedachtengang opborrelt uit de donkere krochten van mijn onderbewustzijn. Hoe grappig is het als ik, die zelf zo graag kinderen wilde, omgeven is door bloeiende baarmoeders, maar zelf hopeloos verstek laat gaan? Waar de eerste aankondiging (ik ben zwanger) nog aankomt als een vriendschappelijke por tussen de ribben, werden de daarop volgende aankondigingen steeds venijniger en veranderden vervolgens via een stomp in de maag naar een klap in het gezicht. Het summum was vorig jaar de aankondiging van mijn zus. Deze heeft mij knock out geslagen en resulteerde letterlijk in een bloedneus die zijn weerga niet kende [Hoe kon dat nou? Ik was toch de oudste? zei het kleine stemmetje diep in mijn binnenste].

Ik besef mij dat de kans alleen maar groter wordt dat het moederschap wel eens geheel aan mij voorbij kan gaan [alhoewel; mijn Oma was 40 toen ze haar eerste kleine, mijn moeder, kreeg]. De eerste keer dat deze gedachtengang in mijn hoofd opborrelde, kromp mijn maag ineen van pijn en zelfmedelijden. Vervolgens heb ik mij gerealiseerd dat het leven zo kan lopen en dat een kind voor mij niet het 'ding' mag zijn dat, door zijn/haar totale afhankelijkheid en hulpeloosheid, je behoefte aan onvoorwaardelijke liefde bevredigt. Het beangstigt mij dat als dat wel zo zou zijn het volgens mij nooit kan opgroeien tot een volledig zelfstandig persoon en altijd het gevoel zou hebben zijn/haar moeder te moeten verantwoorden of zelfs 'terugbetalen'. En dan is het ook prompt geen sinistere grap meer, maar een van de vele wendingen in het leven die zich uiteindelijk ook ten gunste van mij zal keren.

Reizen werpt van tijd tot tijd een ander licht op zaken, waarmee je tevens vaak linea recta op je zelf gewezen en teruggeworpen wordt. Dat is goed voor mij, daar word ik [eindelijk] een grote en sterke meid van. En wat gaat er nu boven een heerlijke huilbui?

Don't divide your life

into weeks, months or years.
Rather divide your day into moments.
Then live each moment
as if it were one full life.

Iedere keer als ik deze tekst lees, maakt het mij weer bewust van het enorme rijke leven dat ik heb en leid. Iedere dag weer zoveel indrukken dat je eens in de zoveel tijd even 'stop' tegen je zelf moet zeggen, teneinde een memory overload te voorkomen. Een dag als ouderjaarsdag is daar heel geschikt voor. Zittend in mijn strandstoel, uitkijkend over de zee en de ondergaande zon, laat ik het afgelopen jaar nog eens de revue passeren. Er is veel gebeurd en er is veel veranderd. Ik kom tot de paradoxale conclusie dat hoogtepunten soms dieptepunten bleken te zijn en dieptepunten achteraf hoogtepunten. Zo was nieuwjaarsdag een schijnbaar hoogtepunt; we gingen ervoor. Twee maanden later, op meer dan 2000 meter hoogte, het dieptepunt. Het is voorbij, over, uit. De periode die volgt, is het nawoord schrijven van het boek dat zes jaar besloeg met als absolute dieptepunt het verkopen van je boeltje: je huis, je bank, je bureau, je eettafel, ja zelfs je bed. En mijn werk kon ook geen baan genoemd meer worden; ik was overspannen geweest en voelde dat als een loden kogel aan mijn enkel hangen. Ik had niets meer. Of toch wel? Ja zeker wel! Ik heb al mijn familie, vrienden, kenissen en collega's en op zulke momenten blijkt hoeveel jullie voor mij betekenen en mij waard zijn. Het maakt het besluit om op reis te gaan [ik heb nu immers alle tijd en wat geld] wel moeilijk, zeker als in de zomer de zon extra hard schijnt, maar het is nu of nooit. In september, een jaar nadat ik op de absolute bodem van mijn leven heb gezeten (en dat is dieper dan 17 meter) en vijf dagen na de crash is het bye, bye, zwaai, zwaai en stap ik in de nieuwe wereld die reizen heet.

De rest is bekend. En wat er ook mag gebeuren in het nieuwe jaar; dit kan niemand mij meer afnemen. Al zolange tijd gewild en nooit gedurfd. Eindelijk geprobeerd; het hoeft niet perfect te zijn.

Voordat een dansende en feestende menigte de laatste seconden van het jaar aftelt, lig ik nog even op mijn bed, wnat ik was opeens ontzettend moe. Mijn knie, waar ik uitgerekend op de laatste dag van trekking doorheen ben gegaan, doet nog steeds zeer en ik heb (als gevolg van airco en ventilators) een stijve nek en kan mijn hoofd amper draaien. Uit het niets wellen de tranen op. In eens weet ik het: mijn ouders missen mij. Of eigenlijk mis ik mijn papa en mama. De pijn in mijn knie is mijn mammie, die toen ze ongeveer zo oud was als ik door haar knie ging, en wie is niet bekend met de beroemde sjaal om de nek van mijn vader? Die hangt daar echt niet voor de show. Nog meer tranen. Ik voelde mij heel erg alleen... Plotseling vermande ik mijzelf: Ontzettende domme doos dat je er bent. Je stapt weer in je bekende valkuil en dat gaat nergens over. Heel de wereld stuurt van uit Nederland emails, post, schrijven in je gastenboek en je denkt nog steeds dat er niemand van je houdt? Hoe verachtelijk. Zwelgje! Het is waar: mensen hoeven niet de hele dag tegen je te zeggen dat ze van je houden om te weten dat het zo is. Het is echter zolang geleden dat iemand je omhelsd en zei dat hij/zij van je hield (en het ook meende). De klok tikte voort en met een Bacardi Breezer in de hand, stond ik met vele anderen op het strand. Een graad op twintig, goeie muziek, goeie sfeer en nog dire seconden te gaan. Drie, twee, een: HAPPY NEW YEAR!!! Daar stond ik dan met mijn drankje naar het vuurwerk te kijken. Ik had geen zin om naar die meiden te gaan die ik eerder had leren kennen. Dit was mijn moment, want ik hield van iedereen en iedereen van mij.

2002, nog nooit een mooier jaartal in mijn leven meegemaakt; zo in balans (je zou dit jaar maar op 20 februari jarig zijn, he Dees? Dan heb je pas echt een perfect getal!) Het kan niet anders dan dat het een heel mooi jaar gaat worden. Langzamerhand vallen de puzzelstukjes van mijn leven inelkaar. Het wordt mij duidelijk waarom ik een 'talenpakketje' op het VWO heb gekozen; zo vaak als ik de afgelopen maanden gecomplimenteerd ben om mijn talenkennis, niet gewoon meer. En waar kan ik mij organisatievermogen en bemoeizuchtig regelnevendrang beter uitleven dan op ries, waar ik de hele dag kan regelen en organiseren als ik zou willen [en ook grotendeels moet, anders kom je nergens]. Tot slot is eindelijk mijn langgekoesterde schrijfwens uitgekomen en zie hier: nog lezerspubliek ook. Deze zaken maken, ondanks gemis van champagne en oliebollen, dat ik nog even blijf reizen. Dit is leven!!!

Ik struin verder over het strand en kom Adriana tegen. We vallen elkaar in de armen: Happy new year!!! Een Engelsman in vergevorderde staat van gezelligheid, roept, net als ik langs loop: 'Is there nobody single overhere?' 'Nee', denk ik en loop vrolijk verder. Uit de luidsprekers klinkt op de bijbehorende techno-beat: 'Do you think, you'd better off alone?' Yes; ik weet het wel zeker.

I know a girl, a girl called Party; Party-girl

Ko Phagnan is het party eiland van Thailand dat vooral bekend is om zijn Full Moon Party (FMP) en deze maand zou dat op de 29e zijn. Drie keer party time, met Kerst en Oud en Nieuw erbij, dus ik viel weer met mijn neus in de boter. Dat ik niet de juiste dresscode had, viel mij al meteen op; alles en iedereen volgens de 'laatste' mode. Zonnebrillen zo groot als duikbrillen, gehaakte haarbanden, topjes in badpakstof, heupbroeken, 'pukkel'tassen [zo uit de zeventiger jaren, maar nu in alle kleuren in plaats van alleen maar legergroen], teenslippers in alle soorten en maten, kleuren en materialen; hetzelfde geldt voor de kapsels en voor de heren natuurlijk een sikje. Tevens piercings in, over, tussen en noem nog eens een paar voorzetsels je lijf en ledematen, met de Israeliers veruit op kop als meest up-to-date fashion victims.

Ik had het idee opgevat op te verblijven in Haadrin; het partycentrum van Ko Phagnan; als je het doet, moet je het goed doen, nietwaar? [Of was ik dat nu juist aan het afleren...]. Haadrin heeft als prettige bijkomstigheid dat het op een soortement smalle landtong ligt, met een oost- (sunrise) en westkant (sunset). De oostkant is de drukke kant, met alle restaurants, winkeltjes en strandtenten; de westkant de rustige. Westkant en Westland verschilt niet zoveel en daar ik twaalf jaar in het laastgenoemde gebied heb gewoond [en zeer schone herinneringen aan overgehouden heb; was immers ook aan de kust en dat niet alleen], koos ik dus voor deze zijde. Alles binnen handbereik, want met vijftien minuten ben je het hele dorp rond. Oke, dit is de setting, dan nu hoe het in zijn werk gaat.

's Morgens is het doodstil in het dorp; iedereen ligt zijn/haar roes uit te slapen. 's Middags is het nog steeds stil; te warm om iets te ondernemen [degenen die al wakker zijn,zitten in een internet cafe of 'chill-en out' liggend in een partij kussens in een eet- en drinkgelegenheid]. De tweede helft van de middag, ligt een ieder op het strand in een poging het bleke lijf een beetje van een 'tan' te voorzien. Na de Israeliers, zijn de Engelsen met de grootste delegatie hier vertegenwoordigd, en de kleur kreeftrood doet het erg goed hier. Na de sunset bekeken te hebben [dat is immers de beste reden om nog een biertje te bestellen] wordt er gegeten, ge- internet, dvd gekeken, van een massage genoten, bij de kapper geknipt, geverfd (groen en blauw zijn de modekleuren) en gefohnd. Dit geheel loopt vlekkeloos over in stappen, bieren, uitgaan, party-en of hoe je het feesten verder wilt noemen. Deze circle of life herhaalt zich iedere dag en de feestdagen zijn hierop de uitzondering. Hoe dan? Een korte impressie van een Full Moon Party (FMP).

Het doel van een FMP staat zwart op wit op een A-4 uitgewerkt en hangt bij de plaatselijke VVV. Samengevat is het doel mensen vanuit de hele wereld vreedzaam te laten samen zijn, niet gehinderd door cultuur-, rassen-, of muzieksmaakverschillen. Dit alles onder het genot van een muziekje, hapje, drankje, snufje, peukje, pilletje. Dat laatste lees je in minder zwart en wit tussen de regels door.

Het begin van de avond maakte weinig verschil met de andere avonden, behalve dat de volle maan zich achter de wolken bevond en het om een uur of tien begon te stortregenen. Ik hoefde die avond echt geen pizzabroodje, hamburger of pannenkoek meer; soaking wet en vervolgens op de bbq weer fris en fruitig gemaakt... Overdag had ik grossen feestgangers zien arriveren op vervaarlijk volbeladen veerboten en rond een uur of twaalf hadden die zich samen met de reeds aanwezigen op het strand verzameld. Het dansen, drinken en flaneren kon beginnen. Ik vind het echt geweldig om te zien hoe mensen overal dansen; van netjes voor de feesttent, via podia en op het strand tot in de zee. Favo-hippe drankjes zijn: Red Bull, Shark, zelf in plastic waterflessen meegebrachte 'huiswijnen' en een Bucket of Joy. De laatste is voor de Engelsen: men neme een klein strandemmertje en giete daar van iedere fles die je in je bar hebt staan, zeker vijf centiliter in. Een beetje cola, fanta en/of sprite voor de bubbels erbij en afmaken met vijf rietjes. Men zette de cocktail midden op de sta-tafel en iedereen lurke zijn deel {en je hebt zo lekker weinig afwas}.

Naarmate de tijd verstrijkt en de staat van gezelligheid bij de mensen steeds verder vordert, wordt de zee ook gebruikt om je vriendin in af te koelen (die vervolgens de rest van de avond als miss wet t-shirt haar op- of afgang kan gaan maken), om je blaas en/of maag inhoud in te legen of om gewoon even lekker in te zwemmen... Op een gegeven moment ving ik het gesprek op tussen twee meiden. De ene verklaarde tegen de ander dat ze vreselijk nodig moest plassen. De ander adviseerde haar om dat in de zee te doen [dat doen de jongetjes toch ook?]. Zo gezegd, zo gedaan. Met haar licht beschonken hoofd ging ze op haar hurken zitten, sjorde aan haar ondergoed en .... ging met haar achterste naar het publiek zitten. Dit had zij beter NIET kunnen doen; slechts enkele seconden duurde het voordat de eerste slimmerik opmerkte dat dit wel een hele echte Full Moon was... Dankzij alle energizers houdt het merendeel het aardig lang vol. Ik haak halverwege de nacht af; het is wel mooi geweest; het wezenloosheidsgehalte waarmee de meesten rond die tijd van strandtent naar strandtent struinen, kwadrateert iedere tien minuten en het wordt er niet spannender op. De volgende morgen ben ik weer op het strand om getuige te kunnen zijn van de after party. Het strand, de dansende, kotsende en plassende mensen; dat is hetzelfde gebleven. Wat niet hetzelfde is gebleven is de zee; het is inmiddels hoogwater geworden. Slippers en sandalen (je zou werkelijk een schoenenzaak kunnen beginnen), lege flessen, hout, touw en de bekende viezigheid, klotsen op het ritme van de golven tegen de strandtenten op. Het is tegelijkertijd aandoenlijk triest en ontieglijk grappig om te zien hoe de laatste piepeltjes, als de volle maan al lang is verdwenen, nog steeds op de technobeat met bier in hun handen staan te hobbelen, terwijl anderen in de klotsende zee, in een strandstoel gezeten, liggen te slapen en het merendeel met het krieken van de dag naar de strandbungalow is gekropen. Negen uur 's morgens: The Party is over, vanavond is het weer feest.

Foto's

Thailand, Ko Phagnan: foto0001.jpg Thailand, Ko Phagnan: foto0002.jpg Thailand, Ko Phagnan: foto0003.jpg