| Aankomst | Woensdag, 10 April 2002 |
| Vertrek | Dinsdag, 23 April 2002 |
| Laatste update | Dinsdag, 7 Mei 2002 |
Walking the Wild Wall
Toen ik het las, dacht ik: 'Dat zou gaaf zijn!' Op eigen houtje op een
afgelegen deel van de muur klimmen en klauteren en 's nachts slapen in een
van de wachttorens. Zoiets doe ik niet alleen en ik bladerde door naar de
andere tours en trips die naar de Chinese Muur georganiseerd worden.
Een week later zit ik in de bekende Whaley's bar van de jeugdherberg waar
ik verblijf. Daar komt Jason op een goede avond op met de vraag: Do you
want to hike the Wild Wall? Zonder een seconde te verliezen, zeg ik: Yes,
of course!!!
En zo geschiedde het dat op maandagmorgen half twaalf een groep van acht
reizigers de deur van de jeugdherberg uitliep, gewapend met slaapzak, eten
en drinken en wat geld, op weg naar de bushalte.
Wie gingen er mee? Een korte intro voor de beeldvorming.
Jason (27) is een Amerikaan, oorspronkelijk uit Oaklahoma City, maar via
het peace corps steeds onderweg. Hij wisselt dit af met reizen en heeft het
semi-nobele idee opgevat om zijn twee jaar jongere broertje die nog nooit
een koe buiten Oaklahoma City gezien heeft, te feteren op een reis door
China en Mongolie. Ondanks het vele reizen nog wel herkenbaar Amerikaans,
maar hij kan wel luisteren.
Bryan (25) is een geluksvogel en realiseert zich dat nog maar half.
Oaklahoma City is the place to be en zal dat altijd blijven. Drinkt en
rookt; beide veel te veel en hij zou het niet erg vinden om de volle twee
weken dat hij in Beijing is, in het 'warme bad' van gezelligheid in de
jeugdherberg door te brengen. Uiterlijk gezien heeft hij, met flaporen
en 'dwars rond hoofd', wel iets weg van Bart de Graaff. Hij begon deze trip
met een vreselijke kater omdat hij tot vijf uur 's morgens aan bier en Jack
Daniels had gezeten.
Jeremy (22) [Jess] is geboren en getogen in Pennsylvania en woont nu in
Washington DC. Houdt van reizen en is nu vier maanden onderweg. Zijn
vriendin vergezelt hem de laatste tien dagen alvorens zij getweeen weer
naar huis terugkeren.
Stephanie (25) is de vriendin van Jess en houdt wel van vakanties en is wel
sportief, maar houdt niet van lang reizen. Leuke meid, behalve als ze
zegt: 'Hi honey', want dat is zo verschrikkelijk fout Amerikaans! Alsof je
de tv aan hebt staan. Ik hoorde het pas toen Adrian mij er op attent maakte
en sindsdien hoor je het steeds.
Adrian (21) is een Australier. Zijn ouders zijn hun leven lang al fervente
backpackers dus geen wonder dat hij de smaak al op jonge leeftijd te pakken
heeft. Jongen van weinig woorden met gevoel voor humor.
Martin (21) komt uit Duitsland en heeft er even geen zin meer in, dus ging
op reis. Is boomlange slungel die veel te lang niet naar de kapper is
geweest, maar hij bedoelt het niet kwaad.
Fred (25) afkomstig uit Sacramento, Californie. Heeft samen met zijn pa en
tweelingbroer een soort van kledingzakenketen en heeft alles al gezeien en
gedaan in de wereld. Zijn kort geschoren kop, plakplaatjes op de armen en
beastie boys t-shirt maakt het geheel compleet.
Jacq (32) is the Dutch girl; she's mad and OLD.
Met bus en metro naar het busstation alwaar op zoek naar de juiste bus. Dat
was even hard werken en uiteindelijk zaten we met zijn achten in een
minibus. De chauffeur was een Boeddha-ronde Chinees die het wel gezellig
vond om wat yuannen te verdienen aan zo'n cluppie malloten. Twee uur
sluiteren en scheuren later stonden we er in eens: Links een stuk Chinese
Muur, rechts een stuk Chinese muur. Ieks, nu werd het wel heel echt. Het
was ondertussen tegen vieren in de middag en iedereen lustte wel verse
noedels (je weet nooit wat je nog tegenkomt) en we maakten dankbaar gebruik
van de kookkunsten van de mevrouw uit de Winkel van Sinkel die op deze toch
wel strategische plaats geloceerd was. Daarna begon het feest dan echt. Ons
handboek in het Chinese was ook nu wederom de Lonely Planet die op zulke
momenten kan uitblinken in onduidelijkheid. We volgenden de min of meer ge-
asfalteerde weg, maar na een drie kwartier waren we het zat. We wilden de
muur beklimmen. Dus de gebaande wegen verlaten en iets van een pad omhoog
gezocht. Bryan had het zwaar. Naast zijn vreselijke kater had zijn broer
alle mogelijke maatregelen getroffen en ze waren voorzien van het
onmogelijke. Dit betekende een zware rugzak.. Met de muur al in het vizier,
klauterden we steeds hoger en hoger (die muur staat dus echt OP de
bergen!). Bryan wilde (herkenbaar koppig als hij is) niet zijn rugzak met
Adrian ruilen die zelf bijna niets meegenomen had, veel sterker en
bovendien nuchter was. Ik fluisterde hem in zijn oor dat hij echt niet
koppig hoefde te zijn (daar hadden we het al eerder over gehad) en toen
besloot hij eieren voor zijn geld te kiezen. Bij het zien van de inhoud van
de rugzak (ze besloten de boel te verdelen) werd hij bijkans gek: Mijn
broer heeft de hele keukenkast meegenomen, riep hij vol verbazing uit. Hij
was de enige die niet om deze grap kon lachen.
De volgende die niet kon lachen was ik. Het ging op een gegeven moment over
leeftijden. Al snel bleek dat ik de oudste was. En hoe! Het was een
schokkende gewaarwording voor een ieder. Voor de rest van de groep omdat
iedereen tot nu toe gedacht had dat ik een jaar of vier- vijfentwintig was
en voor mij omdat ik mijn een dinosaurus uit prehistorische tijden voelde.
Sometimes life sucks.
Geen grap, we waren bij de muur aangekomen en er zit precies hier een
poortje in de muur die toegang gaf tot opgang op de muur. Dat is nog eens
geluk hebben. Wij waren inmiddels niet (letterlijk) de Mongolen die de Muur
om andere dan toeristische redenen wilden beklimmen. De muur is een meter
of twee breed en mits niet te veel begroeid, vervallen of ingestort en bij
een niet te harde wind, kun je over dat deel lopen. De hoogte van de muur
varieert van vijf tot soms twintig meter hoog en iedere vijftig tot honderd
meter (dit alles zijn schattingen van mijn kant, dus pin mij er niet op
vast) is er een wachttoren. Voor Bryan was het aanschouwen van dit
wereldwonder blijkbaar letterlijk de limit, want hij ging eerst eens
volledig over zijn nek. Dat vonden we toch soort wel stijlvol; nooit uit
Oaklahoma City weggeweeest en dan vlak voordat je daadwerkelijk op de muur
klimt, ga je uit een soort van misplaatst eergevoel over je nek. Dat zal
hij de rest van zijn leven niet vergeten (en moeten aanhoren)!
Op naar de eerste wachttoren. Leek ons een goede plaats om te overnachten.
Zag er nog compleet uit, dus enteren maar. Niet dus. Drie Duitsers
(notabene uit onze eigen jeugdherberg) hadden hun vlag er al geplaast en
het knappend kampvuurtje maakte duidelijk dat ze niet van plan waren om te
vertrekken.
De volgende toren dan! Die was compleet ingestort, en daarmee geen optie.
Verderop zagen we een hele mooie, maar was gebouwd op een zijmuur van de
muur en de weg erheen was er echt een van instortingen en begroeiingen.
Adrien en Martin lieten de bagage achter en gingen op verkenning. Het
schemerde al en haast is een groot woord, maar niemand verwachte dat de
straatverlichting hier automatisch aan zou gaan. De afspraak was dat ze
zouden zwaaien als het oke was. En dat is waar een telelens van 300 mm van
pas komt! Ik zag ze even later voor mijn neus zwaaien (als het ware.) en
ook wij gingen, bepakt en bezakt, onze weg door struikgewas (wat ruist er
in het.) en over puinhopen. Nee, natuurlijk is er geen deur! Een
verbazingwekkend gevoel van teamspirit zorgen ervoor dat iedereen bagage en
de ander omhoog de toren in hielp en daar stonden we dan in ons stulpje
voor een nacht. In het midden was geen dak en het kampvuur had daarmee een
centrale plaats gekregen. De spullen werden er bij gepakt en het
eten 'verorberd'. Voor mij was dat brood met pindakaas en yoghurt; de rest
keek scheel naar wat mais uit blik zou moeten zijn, maar helaas op Chinese
manier klaargemaakt en at de geleismurrie met lange tanden op. Ik ging eens
peilen waar iedereen zou slapen, want ik ging op zeker NIET in mijn eentje
in een donker hoekje van die toren liggen. Er waren mooie boogvormige
overkappingen die soort gangetjes vormden en daar kon je precies met zijn
tweeen liggen. Men vroeg waarom ik dat wilde weten en ik bekende dat ik te
bang was om in mijn eentje in een donker hoekje van de toren te gaan
liggen. Fred zei dat hij ook bang was. Mooi dan kom ik naast jou liggen. De
arme jongen schrok zich (ondanks zijn beastie boys t-shirt) natuurlijk
helemaal de groente toen ik een half uur later echt naast hem kwam liggen!
Ik verzekerde hem dat dinosaurussen echt geen vlieg kwaad doen en daarmee
was het oke. Ik had een slaapzak geleend en dat was nodig ook! Om drie
uur 's nachts begon het te waaien, niet normaal meer! Zonder toren zou je
echt weggewaaid zijn. Ondanks dat ik als een mummie in mijn slaapzak lag en
er bijna niets van mijn gezicht te zien was, had ik de volgende ochtend een
laag van zand en stof op mijn gezicht. Maar.NIET koud gehad! Op een matras
van zand en stenen slaap je natuurlijk niet zo lekker als een van kapok en
veren, maar je moet wat toch? Om zeven uur was het volledig licht en tijd
om op te staan. Na ontbijt en inpakken (ik had voor de gelegenheid een
nieuwe rugzak gekocht [grote was te groot en kleine te klein] en deze
nieuwe voldeed prima!) om een uur of acht op stap. Het waaide nog steeds
wel en met een rugzak op was het zaak je evenwicht te bewaren! In een
onbewaakt ogenblik gebeurde het toch: Jacq maakte onbetwist de mooiste
sliding van allemaal! Ik verdraaide daar bij mijn knie en hoe
verbazingwekkend: dezelfde als in Nepal. Dat wordt dus weer een maandje of
twee aanklooien. {let op: mijn fototoestellen waren ongedeerd}.
Blij dat ik in Nepal al had geleerd dat efficiency niet opgaat in deze
gebieden, dat maakte het schijnbaar eindeloze omhoog klauteren en omlaag
krabbelen wat draagzamer. En daar loop je dan, op de Chinese Muur. Ik
merkte nog op dat als mensen niet zo onaardig tegenelkaar waren, mij dit
deze moeite bespaard zou hebben. Geen oorlog, is geen muur, is geen hiking.
De gedachte echter dat iedereen die op dit moment vanaf weet ik veel welke
planeet naar de wereld zou kijken, slechts een paar zaken op deze bol kan
ontdekken, waarvan een de Chinese muur is, maakte dat ik het positiever
ging bezien.
Nog een struikelblok. Ik liep na mijn val niet zo stabiel meer en toen
Bryan opmerkte dat hij met Jess en Steph (die nog andere plannen voor de
middag hadden) mee terug naar Beijing zou gaan, hoorde ik mijzelf zeggen
dat ik dan ook meeging. Ik kon mijn tong wel afbijten. Voortijdig afhaken,
ai, dat doet pijn. Zeker toen Bryan het nog eens hardop herhaalde. We
zouden namelijk 's middags nog een stuk muur lopen. Druk maken om een
probleem dat helemaal niet bestaat bleek ook hier weer van toepassing. Bij
het beginpunt vond iedereen het welletjes, genoeg en mooi geweest en
stapten we met zijn allen op de bus.
Terug in de jeugdherberg vroeg iemand of ik de zonsondergang en zonsopgang
had gezien. Dat moest toch wel de reden zijn waarom je op de Chinese Muur ging
slapen. Ik was compleet verbaasd en overrompeld; geen moment aan gedacht. Na
enig rondvragen bleek dat niemand dat had gedaan. Ik moest terug denken aan
de camel boy in de desert tijdens de camel safari, die doodnuchter opmerkte
toen ik zei dat ik de zonsondergang ging missen als ik met hem mee ging om meloenen
te plukken: "Jackie, tomorrow there will be another sunset."
Waley's Bar
Beijing is een toeristenvalkuil en Waley heeft deze gevuld met warm water.
Het verblijf in haar bar (bij de jeugdherberg) is als een nooit afkoelend
warm bad en daarmee regelrecht verslavend. Er zit altijd wel iemand om mee
te kletsen, de hort op te gaan, te eten, te drinken en alles waar je al dan
niet meer zin in hebt. De meeste reizigers komen voor een paar dagen,
proeven de relaxte sfeer en het goedkoopste bier en willen niet meer weg.
Tel daarbij op dat de PSB (het grootste orgaan der visa's en
daarbijbehorende bureaucratische rompslomp) er rustig vier werkdagen over
doet om jou bij de gratie van een dollartje of 13 dertig dagen extra
verblijfsvergunning geeft en je bent zo twee weken verder. Zo verging het
mij althans... en de anderen waarmee ik de Chinese Muur beklommen heb en
alle anderen die er verder rondhingen. Jason, Brian, Fred, Jeremy, Steph,
Martin en Adrian kennen jullie al. Jason bleef bezogt over zijn broer en
Bria ook en beiden dronken dat weg, waarbij Brian veelal de kwadratische
hoeveelheid van zijn broer dronk. Fred was erg 'cool' bij de dames maar
liet ze verder netjes naast hem zitten en that's it. Jeremy en Steph waren
soort op vakantie en deden braaf mee met alle drankspelletjes en waren erg
gelukkig saampies. Martin, type how low can you pogo, heeft zich wezenloos
genoten; vraag mij niet waaraan, maar zo zag hij er wel uit. Adrian
kenmerkte zich door stille wateren, diepe gronden, maar niets ontgaat mij,
dus ook zijn veroveringen waren mij al snel bekend. Verder nog vreselijk
gelachen met Pete en Mike twee zeer welopgevoede Engelse gastjes (nou
ja...) die voor het eerst de wijde wereld gingen verkennen ter verruiming
van hun blikveld met de focus op vrouwen. Dronken of niet dachten ze dat
ik, net als zij, 24 was en trokken de stoute schoenen aan. Subtiel iets in
hun oren gefluisterd en sindsdien goede maatjes die iedere ochtend hun
relaas (resultaat) van de vorige avond aan mij kwamen vertellen. How cute.
Anna en Erica zijn twee Zweedse meiden. Anna bleef helaas maar kort, maar
heeft haar bezoek niet ongemerkt voorbij laten gaan. Ook Erica zag kansen
en greep ze met beide handen aan. En dan Waley, de 26 jarige Chinese
eigenaresse van de bar. Met een klankkast waar zelfs ik U tegen zeg,
kondigde ze praktisch iedere avond een gratis bier aan en organiseerde
wedstrijdjes varierend van poolen tot stoelendans. Haar target was een
Amerikaanse of Australische man aan de haak slaan waaree ze kon trouwen en
gevoeglijk iedere drie dagen kondigde ze haar nieuwe husband aan. Twee
dagen later eindigde het huwelijk dan weer in een scheiding omdat de
desbetreffende persoon zelfs in alle nuchterheid niet meer wist of ze het
nu meende of niet en toch liever weer alleen verder reisde. Het geheel werd
af en toe opgeleukt door mijn dronken Engelse kamergenoot die het liefst in
zijden Chinese pyjama's over straat en dus ook door de bar liep (hij had
een zwarte en een witte). Nee, niet gay, zoals ik eerst wel vermoedde. Toen
hij echter de laatste avond met een Mongoolse vriendin, die net met haar
pootje in het gips uit het ziekenhuis was gekomen, de koffer in dook (nog
wel in het bed onder mij! {stapelbedden begrijp u wel!}, heb ik mijn mening
bijgesteld. Natuurlijk, de Nederlanders! Ik zou ze bijna vergeten! Patrick
en Jeroen uit Gendt vielen met hun neus in de feestboter en namen daar op
hun manier aan deel. Net als Bas die met zijn twee meter lengte zowel
ontzag als angst inboezemde. Dat laatste zegt niemand, maar dat zag je als
het ware op hun voorhoofd staan. Nu begrepen ze wel ineens waarom ik in
Nederland 'gemiddeld' {qua lengte dan} genoemd wordt.
Af en toe verhuisde de hele boel naar de Bar Street waar het feest in nog groter
gezelschap werd voortgezet en het bier en de tequilla rijkelijk vloeide. De
volgende ochtend kropen we dan weer met zijn allen naar Waley's Bar voor een
koffie en een stevig Westers ontbijt. De volgende dag kon beginnen. Verboden
Stad? Zomerpaleis? Hemelse Tempel? Tiannanmen plein? Markten, parken, theehuizen?
Peking Eend? Ja, er is zoveel te doen in Beijing. Waar te beginnen? Eerst nog
maar eens een koffie. He, daar heb je hem ook weer. Mogge! Ja, was het gezellig
vannacht? Vertel eens! Ach, ik kan morgen ook nog wel naar de Verboden Stad;
mijn visum is toch pas dinsdag klaar...
OO7
In Beijing kun je aardig cultuurhappen. Zelfs zoveel dat als je niet oppast
je er aardig aan kunt overeten. Nu heb ik over het algemeen een gezonde
trek en kan ik aardig wat verteren, maar alles met mate (om maar eens
lekker Hollands uit de hoek te komen).
Nadat ik woensdag aan het einde van de middag na 28 uur treinen in Beijing
was aangekomen, deed ik de volgende dagen vrij weinig. Zaterdag is de
eerste dag van actie: het Zomerpaleis. Als je op de kaart van Beijing
kijkt, denk je nog optimistisch: daar gaan we even naar toe. Echter,
Beijing in zijn totaliteit beslaat in oppervlak bijna net zoveel grond als
Belgie. Dan weet je dat lopen geen optie meer is, als het zomerpaleis aan
de andere kant van de stad ligt. Busje dan maar. We zijn met zijn vieren en
we worden weer bekeken als gereincarneerde sneeuwreuzen; zo wit en groot
dat is schijnbaar echt niet normaal meer. Ruim anderhalf uur later zijn we
bij het paleis. Eerst denk ik nog dat het de dranknevel is die het zicht zo
vertroebelt, maar het blijkt gewoon een 'smoggie' dagje te zijn. Lekker
rondgestruind daar. Jammer dat alle gebouwen dicht zijn en er bijna niets
meer in staat. We doen het dus maar met de buitenkant. Terug doen we er
ruim twee uur over, want het is spitstijd.
En zo gaat het ongeveer ook als ik de Hemelse Tempel bezoek die ik trouwens
erg mooi vond. Ik houd wel van die architectonische kunststukjes waarbij
niet alleen de vorm maar ook de plaats op het landgoed en de relatie tot de
andere bouwwerken op dat terrein van belang zijn. Nadeel is wel dat je je
steunzolen uit je schoenen loopt, want toendertijd aan ruimte nog geen
gebrek en groots en meeslepend kennen ze hier ook al.
Ook Mao lag nog in zijn mausoleum en met sneltreinvaart kon ik langsrennen.
Geheel in mijn stijl dacht ik zo. Tiananmenplein is ook heel groot. Je mag
er niet fietsen, maar het is inderdaad het plein waar in 1989 de tanks vrij
toegang schenen te hebben. Gelukkig werd er tenminste nog eentje
tegengehouden.
De Lama tempel is geen luxe dieropvang voor deze spuugzieke dieren, maar de
meest bekende Tibetaanse tempel buiten Tibet. Errug mooi; jammer dat het
regende.
En zo nog naar een theehuis geweest. Is dat cultuur? Vast wel! En naar de
Beijing Opera. Over smaak valt te twisten en als de dames ook in dit land
niet zo onmogelijk glasgoedbrekend hoog zouden zingen zou het al een stuk
mooier worden. De ondertiteling stond op de lichtbakken links en rechts van
het podium, zodat ik nog kon volgen waarom ze zo druk om elkaar heen
sprongen. Ik moet zeggen: ze zijn stukken leniger dan ik.
Ook nog een museumpje meegepikt. Jaja, even doorstiefelen maar! Het is echt
niet te geloven wat een mooi porceleinwerk die Chinezen tijdens de Qing en
Ming dynastieen hadden. Ik had mij er in Hong Kong al over verbaasd en hier
wederom. En van alles verkopen in de bijbehorende souvenirshop, maar geen
schaal zoals ik net in de vitrine heb zien staan knipogen naar mij. Het zit
ook wel eens tegen tijdens het reizen.
Na al dit indrukmakende erfgoed bleef er nog een klapper over: de Verboden
Stad. Op de een of andere manier kwam het er maar niet van om die te
bezoeken. Dan gingen we weer wat anders doen, dan regende het weer en ga zo
maar door. Uiteindelijk was het dinsdag en zou ik 's avonds naar Xi'an
vertrekken. 's Morgens moest ik mijn paspoort met visumverlenging nog
ophalen en ik had besloten vroeg op te staan. Dat dit bij nader inzien een
minder fris idee was na het afscheidsfeest (door Waley georganiseerd
natuurlijk) de avond ervoor, bleek wel toen ik het daglicht amper kon
verdragen toen ik de metro uitstrompelde. Wat een drukte bij de Verboden
stad. Waar komen toch al die Chinezen vandaan? En nu eens niet allemaal
voordringen s.v.p.! Ticket gekocht en meteen doorgelopen naar de audioguide-
verhuur, waar je voor een luttele bijdrage een soortement cassette of
diskspeler met koptelefoon krijgt. Heerlijk !!! Hoef je zelf een niet met
je reisgids in je hand alles na te lezen en uit te zoeken, maar kun je
lekker slomo ronddwalen en alles bekijken wat je verteld wordt. En weet je
wat nu het lekkerste hier aan is? De tekst is ingesproken door Roger
Moore...
Foto's
|