De wereldreis van Jackie Turbo
Mount Everest, China

AankomstDinsdag, 7 Mei 2002
VertrekVrijdag, 17 Mei 2002
Laatste updateZaterdag, 8 Juni 2002

Aperitief

Rustig op vrijdagmiddag op de gallerij van het hotelletje in Lhasa van mijn thee nippend, zag ik vanuit mijn ooghoeken Patrick een etage hoger peinzend over de binnenplaats uitkijken. Blijkbaar voelde hij de aanwezigheid van een begluurder en keek in mijn richting. 'He, jij weer?' was de opmerking die vervolgens door de lucht schalde. Even bijkletsen met de heren die gisteren in Lhasa waren aangekomen. Ja, ze hadden Sandra en Edward ook al ontmoet (dankzij het standaard Tibet vlieg-, verblijf- en vertierpakket is iedereen lekker cosy in hetzelfde hotel gelegerd) en de jeeptoer naar de Mount Everest Base Camp (EBC) en de Nepalese grens was al zo goed als rond. Er was nog een plaatsje vrij, dus als ik zin had... YES!!! Dat hoef je mij geen tweede keer te vragen. Daar kwamen San en Ed ook al aanlopen. 'Ga je mee?', 'Oke?', 'Oke!'

Voordat we echter dinsdagochtend 7 mei in de jeep konden stappen, moest er nog wel het een en ander geregeld worden. Paspoorten inleveren op zaterdag (dus nog snel even bij de bank geld halen), aanbetalen en hopen dat alles door het reisbureau (Tibetaans op Chinese leest geschoeid, nou hou je dan maar vast!) op tijd geregeld kon worden. Permits, jeep met chauffeur en gids; het lijkt zo simpel en het reisbureau verzekerde ons dan ook dat alles in orde zou komen. Nee, we konden geen korting krijgen; we zouden namelijk van alles het beste van het beste krijgen. Hoe anders kan de praktijk zijn...

Dag 1: Valse start

{Lhasa (3600m) - Samrye Monastery}

Daags voor vertrek hadden we al begrepen dat we niet te vroeg zouden te hoeven opstaan, omdat nog niet alle permits (toegangsbewijzen voor bepaalde gebieden in Tibet, verstrekt door de welbekende Chinees politie-achtige instanties als de PSB) geregeld waren. Ach, eerst een lekker ontbijtje is ook niet erg toch? Behalve dat ik op brute wijze door moorddadig nieuws uit Nederland wakkergeschud werd, leek de dag verder gemoedelijk te beginnen. Stipt tien uur stonden we, drie man en twee vrouw sterk, trappelend van ongeduld, op de stoep van het reisbureau. Welk geen toeval toen bleek dat de permits nog niet allemaal aanwezig waren. Het was holiday (van 1 tot 7 mei wordt in China Dag van de Arbeid gevierd. De mensen hebben dan een paar dagen vrij om te gaan winkelen... Communisme of kapitalisme?) en het bureau gesloten. Gelukkig was stroman X al naar het huis van een van de politiemannen gestuurd om handtekeningen te regelen. Als Mohammed niet naar de berg komt, dan komt de berg wel naar Mohammed, nietwaar? Toen dit geregeld was, zagen we de jeep. Oeps, dit was toch soort van even schrikken! De super-de-luxe bolides waar wij de afgelopen dagen tegenaan hadden mogen kwijlen, bleken toch niet degenen te zijn, die gebruikt worden voor een toer als de onze (als ze al helemaal ergens voor gebruikt werden). Voorin naast de chauffeur een anderhalfpersoonsbankje en daarachter een in tweeen gedeelde achterbank. Tot slot in de bak nog een verhoogd klapstoeltje. Een spring-in-het-veld met een te lange lok op zijn voorhoofd en een te grote bril op zijn neus, bleek onze gids te zijn. En hij dacht voorin te kunnen gaan zitten. Nee dus, op je klapstoel achterin jij! De chauffeur zei niets en hield zich, heel verstandig bezig met het op het dak vastbinden van onze bagage. Twaalf uur was het zover, we reden weg. Nog even tanken (altijd handig) en gaan met die banaan. Ehmm.. dat is te zeggen, als de jeep had willen starten. Mooi is dat, we zijn Lhasa nog niet uit of we staan al stil! Dat beloofd nog wat. Vijf minuten later rijden we, na overmatig choken enzo, als nog weg.

Op weg naar Samrye klooster geniet ik van het prachtige landschap van Tibet. Staalblauwe lucht, ruig rode berglandschappen, afgewisseld met wat groen waar ofwel schapen en geiten dan wel yaks rondgrazen en -scharrelen. De reis verloopt verder voorspoedig. Het loopt tegen de avond als we via boot en bus bij het klooster aankomen. We nemen de meest luxueuze kamers. Dat betekent bed met behoorlijk matras en een grote schaal en thermoskan met heet water om je te wassen. Geen douche en toiletteren doe je in de open lucht tussen twee heuphoge muurtjes boven een 'schijthelling'. De hellingshoek had wat mij betreft wel wat groter gemogen, want het beoogde effect was tot nu toe uitgebleven. Ogen en neus dicht en aan iets leuks denken. Trouwens wel schitterend uitzicht (als je toch je ogen open had) op de omgeving, daar het geheel op het dak geloceerd was.

Onze avondmaaltijd werd enigzins ruw verstoord door een kaartjesverkoper die ons voor de klok van zeven uur nog een poot uit wilde draaien in ruil voor een wandeling door het klooster. Toen we, met het eten nauwelijks door onze strotteklep geduwd hebbende, bij de ingang de toegangsprijs hoorden, maakten we weer rechtsomkeerd.

We hadden al mogen vernemen dat onze gids voor de eerste keer gids was... Wat dat in de praktijk betekent, bleek al snel toen hij amper met de situatie raad wist toen wij de kaartjesverkoper bijan verbaal vermoord hadden. Uiteindelijk mochten we er toch gratis in; de kaartjesverkoper was naar huis.

Vroeger kon je nog rust vinden in een klooster. Die tijd is allang voorbij. Opeens stond er een ziedende 'Tasmanian devil' voor onze neus. Het bleek de man uit het restaurant te zijn die zichzelf geintroduceerd had als die Nederlander met Canadees staatsburgerschap, die Nederlands sprak uit de tijd van Vondel. Never mind, Gysbreght.

Hij was niet blij met het feit dat zijn dochter en hij een kleine tien keer zoveel voor de boot en de bus naar het klooster betaald hadden en dat alles was te danken aan het feit dat Harry Potter (zoals we onze gids inmiddels gedoopt hadden) zijn mond voorbij gepraat had.. De voormalige Maastrichtenaar voelde zich 'verneukt' en ik heb mij nooit eerder afgevraagd of Vondel zulck een taalgebruyck eveneensch hanteerde. Gewoon je mond dichthouden en jezelf van de domme houden en met vijf minuten ziet de wereld er al een stuk anders uit. Hopelijk komen we niet te veel van dit soort dissonanten tegen.

Dag 2: Hoogtestage

{Samrye Monastery - Kam-bo-la pas (4794m) - Yamdrok-tso - Karo-la pas (5045m) - Gyantse (3950m)}

Het leek best efficient om de avond ervoor alvast door te geven wat je de volgende ochtend als ontbijt zou willen nuttigen. Het jammere was alleen dat we eerst de eigenaar/kok/ober uit zijn bed moesten zien te krijgen. Steentjes gooien tegen de ruit op de eerste etage bleek ook in 2002 nog steeds een probaat middel te zijn. Gelukkig smaakte de pannenkoek oke. Bij de ingang van het klooster stond helaas mijn grote vriend de kaartjesverkoper alweer klaar. Toch even om het hoekje gekeken. Ging ie aan mijn jas lopen trekken. Dat had ie nu net niet moeten doen. Met priemende wijsvinger en in orignieel Engels zei ik: 'Don't. Touch. Me!!!' Dat begreep ie, alhoewel hij geen woord Engels sprak (oke, een: Ticket) Communicatie is ook alweer hoeveel procent non-verbaal? Dat bedoel ik maar. Nee he, komt die Canadees met zijn dochter bij ons in de bus zitten met een vage smoes over teveel rokende Tibetanen in de andere bus. Bij de boot kwam de aap uit de mouw. Ze wilden ook goedkoop met de bus. Dat feest ging niet door en wederom waren ze niet blij en kregen wij daar de schuld van. Toen ze ook nog bij ons in de boot stapten, heb ik in mijn weinig subtiele Engels (zodat zijn dochter het ook meteen kon verstaan) kort maar krachtig aan die geeemigreerde Vondel uitgelegd dat ik zijn gezeik beu was en dat ie goed op weg was om mijn vakantie en humeur volledig te verpesten. En dat ik daar van baalde en wel om kon janken. Dit laatse met een heuse brok in mijn keel [er is een groot toneelspeelster aan mij verloren gegaan]. Het schitterende landschap van Tibet maakte mijn dag weer goed. Hoge passen, turquoiskleurige meren; het kon niet op. Eng zo'n pas? Mwah, als niet iedereen tegelijkertijd aan een kant van de jeep gaat hangen om die drie dagen geleden naar beneden gestorte bus te bewonderen, dan kan ik tegenwoordig iedere afgrond hebben!

Dag 3: Yakboterthee

{Dag 3: Gyantse (3950m): Pelkor Chode monastery}

Wat is er in Tibet te doen als je een rustdag hebt? Juist, dan gaan we gezellig een klooster bekijken! Wat valt er over zo'n klooster te vertellen? Tsja, Tibetaans boeddhistisch, monniken in rode pijen, boeddhabeelden, olielampje om de doden bij te lichten, gebedsrollen en - vlaggen en die typische geur van yakboterkaarsvet. Deze keer mochten we zowaar binnen fotot's nemen en dat is wel een unicum te noemen. In een stulpje op het kloosterterrein was het dan zover. Onder grote hilariteit van twee monniken proefde Jacq voor het eerst yakboterthee. Op het ergste voorbereid nipte ik voorzichtig wat van dit spul. Het was ERGER dat het ergste! Soort gesmolten Blue Band met melk. Baggervet en pislauw; kortom, het is echt niet te zui...

Maar... wel geproefd!

Als extraatje kregen we nog een meest op een kerstkransje lijkende brokken. Loeihard en ook weer gemaakt van een distillaat van dat yakbeest. In je broekzak stoppen mnaar en later een prullenbak zien te vinden. Ja, er was ook nog een stupa en ook die hebben we bewonderd. Compleet dizzy van het over de torentransen rennen en in kapelletjes met rode, groene, blauwe en gouden Boeddha's duiken, koersten we voldaan van zoveel cultuur op een dag aan op ons hotel, waar we de rest van de dag gegeten, gedronken en genoten hebben van de goede dingen in het leven.

Dag 4: Panne...

{Gyantse (3950m) - Shigatse (3900m): Tashilhunpu Monastery}

Zo'n jeeptoer is echt geweldig, zolang als de jeep start, wegrijdt en blijft rijden. Die van ons had daar consequent wat meer moeite mee. Gisteren moesten we zelf maar bij het klooster zien te komen want het vierwielig ding wilde niet. Eerlijkheidshalve moet ik bekennen dat we vanmorgen meteen wegreden. Dat mag dan ook wel als de chauffeur gisteren de hele dag onder de motorkap heeft vertoefd.

Wederom indrukwekkend mooie route met wat d-tours door wat dorpjes (onbegaanbare weg of gewoon de weg kwijt?); het leverde mooie kiekjes op. Totdat... we van dijk A naar B moesten dwars door een halfopgedroogde rivier en meteen een haakse bocht moesten maken om niet meteen aan de andere kant van dijk B in het weiland terecht te komen. Dat trok onze Japanse bulldozer niet. De motor sloeg af en wilde niet meer. Langzaam zakten we terug en weg en konden we uitstappen. Geheel volgens het traditionele rollenpatroon doken de mannen mee onder de motorkap, hielpen mee aanduwen en terugsjorren (ja, zelfs Harry deed mee, ook al was hij meer tot last dan tot gemak) en de dames stonden al keuvelend en foto's schietend het geheel gade te slaan. Ik had nog niet net gezegd dat ik gewoon aan het dromen was en dat ik vanzelf wakker zou worden, of het onmogelijke gebeurde. Geluk?Inzicht? Techniek? Roept u maar! Een half uur later trok de jeep a la de Camel trophee dijk B op (veel gas, stofwolken en zand [zeg denk even aan mijn camera svp!]) en konden we verder. Shigatse was de volgende stop. Wat een luxe. Kamer met douche, lekker eten, internet en een supermarkt met chocolade (snickers). Naast gember en knoflook schijnt namelijk ook chocolade goed te zijn tegen hoogteziekte. Ik vind het niet gek dat ik nergens last van heb!

Dag 5: Zo stil in mij...

{Shigatse (3900m) - Yulung-la pas (4950m) - Sakya Monastery (4280m) -Lhatse (4050m)}

Vandaag was het doel: een klooster! Ze hebben hier nu eenmaal geen Centerparcs met knuffelmuren. Het 'high way' geddelte was echt niet verkeerd; na de afslag naar het klooster hield de 'weg' helaas op en hobbelden (en dat is echt een understatement) we naar het klooster. Eenmaal in het dorp aangekomen en de guesthouses aanschouwd hebbende, vonden we dit zo grensverleggend smerig (terwijl ik ondertussen toch al aardig wat gewend ben, dacht ik zo) en het dorp verder zo oninteressant, dat we na een hap van in het vet doorweekte gebakken aardappelschijfjes, linea recta, zonder het klooster te hebben gezien, doorgereden zijn naar Lhatse.

Daar wachtte de volgende verrassing. Behalve de naam van het guesthouse (Lhatse Tibetan Farmer's Adventure hotel, wat het ook betekenen mag), werd ik aangesproken op mijn gedrag. Dat is incasseren. Waar ik dacht heden ten dage mijn verbale kracht alleen nog maar in positieve zin te gebruiken, bleek dat dus niet het geval te zijn. En dan nog wel zonder dat ik er zelf erg in had gehad. Ik was 'out', 'knock out' kun je wel zeggen. Dikke tranen biggelden over mijn wangen. Het gevoel van 'ga terug naar af en ontvang geen salaris' overheerste. Diepe eenzaamheid. Uithuilen en opnieuw beginnen.

Dag 6: Witte toppen

{Lhatse (4050m)- Gyatso-la pas (5220m) - Shegar(4050m)}

En wat we dan de hele dag doen? Nou eh..: opstaan, ontbijten, tas inpakken, instappen en als we geluk hebben: wegrijden. De jeepindeling wisselt op de chauffeur (achter het stuur als we rijden, onder de motorkap als we stilstaan) en de gids (achterin!) na. Het eerste is geen probleem, het tweede wel. Onze Harry heeft namelijk nog nooit een tandenborstel van dichtbij gezien, laat staan van mondwater of kauwgom gehoord, dus de lucht die tussen de kaken van deze 26-jarige (zegt ie) vandaan komt, is op zijn zachtst gezegd niet te harden. Nu ruiken wij na een paar dagen niet douchen ook niet allemaal meer naar roosjes, maar er zijn grenzen. Dus voeren we hem bij toerbeurt kaugom en zetten we het raam open. Verder mist hij nog wat mannelijke hormonen zodat zijn stem minstens drie octaven hoger is dan de mijne en volgens de mannen, lacht hij alsof hij een wortel in zijn kont heeft. En zo is 't maar net.

Gelukkig hebben Ed en San drie cassettebandjes bij zich. Zowaar de jeep beschikt over een afspeelapparaat, dus luisteren we achtereenvolgens naar het bandje met 60-er, 70-er en 80-er jaren muziek. Dan naar die met de Nederlandse muziek, om te eindigen met het bandje met 80-er en 90-er jaren muziek. Vandaag hadden we de Nederlandse muziek. Die draaien we het meest. Lekker rustig. Van 'Samenzijn [dat wil toch iederen]' van Willeke Alberti, via 'Een eigen huis [een plek onder de zon]' van Rene Froger naar 'Vriendschap [is een illusie]' van Het Goede Doel en weer terug, staar ik uit het raam. Ik ben nog steeds niet helemaal in mijn hummetje. Komt dat door de muziek? Door het na lange tijd weer Nederlands spreken? Of is het gewoon heimwee? Wie zal het zeggen...

We rijden ook vandaag weer een geweldig mooie route. Dit leidt zoals gewoonlijk weer tot excitement bij Ed. 'Witte toppen' roept hij dan, zodra we weer bergen met sneeuw zien. Dit is zijn ideaal. Ik deel dat wel.

Dag 7: Van uit je bed de Mount Everest zien

{Shegar (4050m) - Pang-la pas (5120m) - Rongphu monastery (4980m)}

Met de permits op zak en met een doel voor ogen: De Mount Everest, stapte ik vandaag in de jeep. Na de zoveelste checkpost waar militairen op een wel heel erg strikte manier (check, check, double check, compleet met salueren) je toegang verschaffen, stuiterden we vervolgens het Everestgebied binnen. De weg werd slechter en slechter en wij ook. Tussen de middag wel heerlijk geluncht met een pannenkoek met ei en verder gassen maar weer! Het werd mooier en mooier en toen we op een mooie pas de Mount Everest al zagen liggen, was mijn geluk al bijna compleet. Het laatste traject was helemaal milkshake, maar eindelijk waren we er dan: Rongphu monastery, de laatste stop voor de Mount Everest Base Camp (EBC).

We waren allemaal min of meer een beetje zwak, ziek of misselijk; combi van op een dag duizend meter stijgen en het geklots in de jeep. Rustig bijkomen maar. Nog een nachtje slapen en dan... op naar EBC. Ik stapte in bed en schoof het gordijn opzij. Daar lag ie dan: de Mount Everest. Daar lag ik dan: in mijn bed tegen de Reus der Reuzen aan te kijken.

Dag 8: A window to climb

{Rongphu Monastery (4980m) - Everest Base Camp (5200m) - Tingri (4390m)}

Kun je je voorstellen dat je jarig bent op de dag dat je op de EBC staat? Dat overkwam Ed. Hij kon het amper geloven. Weliswaar zonder slingers en ballonnen in de jeep, maar toch. Het was een bewolkte dag en daar kun je het lang of kort over hebben; daar doe je toch niets aan. De tocht met de jeep naar EBC was net een mislukte kermisattractie en duurt dus geen twintig minuten, maar ruim een half uur. Klokke half tien stonden we tussen de tentjes van de echte die-hards, waar voor het serieuze werk hier pas begint. Wij stonden wat te rillen (het waaide er best wel) en wat verbaasd om ons heen te kijken en foto's te nemen. Dit is dan de EBC in Tibet. Als je niet beter wist, zou je het een hooggelegen camping noemen. En ja, tussen de wolken door zie je dan de bergen.

Een telefoontje bracht ons weer terug naar de werkelijkheid. Een bergbeklimmer belde via de satelliettelefoon naar de USA, naar de vrouw van zijn klimpartner, die een of twe dagen eerder van de berg gevallen was. Dood. Zo gaat dat hier. Maar je wordt er wel even stil van. De weg naar de top van de Mount Everest schijnt een 'high way' te zijn, zoveel als er proberen de top te bereiken. Echter deze weg is bezaaid met lijken. Van elke tien die er naar boven klimmen, keren twee of drie nooit weer. Tachtig procent van de ongevallen gebeurt op de terugweg.

Terug bij Rongphu Monastery slaan we nog wat proviand in en net voordat we vertrekken, raken we aan de praat met een bergbeklimmer. Ook hij wil de Mount Everest gaan beklimmen. Samen met een sjerpa is hij al op 8000 meter hoogte geweest op zijn tent op te zetten. Nu terug op goed te eten en goed te slapen. Op 5000 meter hoogte heb je nog maar 50% zuurstof en op de top nog maar 30%. Je lichaam reageert daar zeer adequaat op door de zuurstof goed te verdelen. Eerst naar je hersenen en dan naar vitale lichaamsdelen als hart en longen. Als er dan nog over is, wordt dat voor andere zaken als spijsvertering gebruikt. Daat laatste ligt dus min of meer stil bij gebrek aan zuurstof. Je hebt schijnbaar ook geen honger als je zo hoog zit. Deels herkenbaar. Geen honger heb ik (helaas) nog nooit gehad. Het verklaart wel waarom mijn maag gisteren als van beton voelde. Door de stijging stopte mijn spijsvertering en bleef die overheerlijke maar loeizware pannenkoek natuurlijk wel hangen.

Of je een zuuurstofmasker nodig hebt als je de Mt. Everest gaat beklimmen (ja, we hadden zoveel te vragen!) Vanaf 8200 meter heb je wel zuurstof nodig. Af en toe schijn je wel even je masker af te doen. Je bent zo ingepakt in kleding en masker dat het soms claustrofobisch aanvoelt. En dan wil je even lucht happen.

Enne... wat kost zo'n geintje nou? (We komen uit Holland, begrijp je). Doe is gek: vlucht van USA (hij was Mexicaan) naar hier en de hele reutemeteut aan materiaal en zo: US$20.000. Ja, dat werd gesponsord. (Hmm, moet ik ook maar eens gaan klimmen. Van dat bedrag kan ik heel wat langer reizen dan deze man).

Ik vroeg hem of hij bang was. Ja, dat was hij; heel erg zelfs. Zeker na dat ongeluk met die Amerikaan een paar dagen geleden. En 29 april was er ook al een Brit naar beneden gevallen, omdat hij dacht dat hij zich had vastgemaakt aan de veiligheidslijn, maar dat bleek dus niet goed gebeurd te zijn. Kun je het je voorstellen? Je stuitert letterlijk van de gletsjer af, breekt alles in je lichaam en als je dan al niet dood bent als je ergens ligt, weet je een ding zeker: je gaat dood. Vreselijk. En zeker nu was hij bang: getrouwd en net een kleine van zes maanden.

Wat hij nu ging doen? Wachten op een 'window to climb' (helder zicht, een gat in de bewolking om naar de top te kunnen.) Dit seizoen waren er 120 gekomen. Zestig waren er nog. De anderen dood of naar huis. Het was dit seizoen nog niemand gelukt om de top te bereieken en heelhuids terug te keren. Ik vroeg hem naar zijn naam. 'Alex'. "Take care, Alex', zei ik en we wensten hem veel sterkte en geluk. [In de jeep bedacht ik mij dat ik vergeten was zijn e-mail adres te vragen; journalistieke beginnersfout?]

Deze dag laat zich ook wel nationale rivierendag noemen. Van een paar stroompjes tot echte off the beaten track razende rivieren, waarbij er voor mij een ding vaststond: als nu de moter afslaat, stap ik in ieder geval NIET uit. Het was niet nodig.

Tweede helft van de middag arriveerden we in Tingri. Lekker van de laatste zonnnestralen van deze dag genieten en alle indrukken verwerken. Toch op de EBC geweest!

Dag 9: Verhang en verval

{Tingri (4390m) - Tong-la pas (5120m) - Zhangmu (2300m) - Tong-la pas(5120m) - Tingri (4390m)}

Laatste dag met zijn vijven. San en Ed gingen bij Zhangmu de grens over naar Nepal. Jeroen, Patrick en ik terug naar Tingri en uiteindelijk Lhasa. De route van vandaag was een kadootje! Over hoge passen (eindelijk een groepsfoto!) en diepe dalen, met rivieren en watervallen en langzamerhand een Nepalees wordend landschap; groener en lieflijker. We zakten dan ook aardig hard in hoogte.

Drie uur 's middags: kus, zoen, hug, bye, zwaai en daat gingen Ed en San. En daar gingen mijn fotorolletjes, mee naar Nepal, mee naar Nederland. Na een happie lunch en druk gesleutle aan de jeep (het was ondertussen een dagelijks terugkerend ritueel geworden) aanvaardden we de terugweg naar Tingri. We gedoogden de gids in het midden op de achterbank. Voor deze keer dan.

Tien uur 's avonds weer terug in Tingri. Voor de statistiek: bruto stijging en daling vandaag: 2820 meter. Netto: 2090 meter. Het deed mij denken aan de aardrijkskundelessen op de middelbare school: "Verhang is het verval van de rivier per km, oftewel het hoogteverschil per kilometer."

Dag 10: Dust in the wind

{Tingri (4390m) - Shigatse (3900m)}

We roken de stal, dat moge duidelijk zijn en we wilden dan ook zo snel als mogelijk terug naar Lhasa. Dat deden we ook. Over de Friendship Highway bliezen we, waar mogelijk over de weg. Foto's nemen? Nauwelijks. Plassen? Als we moesten stoppen bij de checkpoints.

Ik moet echt nog eens naar de Sahara om het verschil of de overeenkomst tussen Tibet en aldaar te kunnen vaststellen, want toen we uiteindelijk in Shigatse aankwamen, zaten we van top tot teen onder het zand en het stof. Ach, we konden na vijf dagen weer eens douchen. Alles is relatief.

Dag 11: Eindsprint

{Shigatse (3900m) - Lhasa (3600m)}

Kort maar krachtig was de eindsprint naar Lhasa. In koud vijf uur raceten we naar de hoofdstad. We waren weer 'thuis'. Heerlijk! Patrick en Jeroen zouden de volgende dag alweer verder naar Chengdu reizen. Ik zou lekker nog een paar dagen in Lhasa blijven. Mijn tere kinderzieltje heeft nu eenmaal meer tijd nodig om gigantische indrukken en ervaringen als deze te kunnen verwerekn. En dit is het resultaat. Conclusie: ongeevenaard!!! Dit land heeft werkelijk mijn hart gestolen...

Foto's

China, Mount Everest: foto0001.jpg China, Mount Everest: foto0002.jpg China, Mount Everest: foto0003.jpg China, Mount Everest: foto0004.jpg China, Mount Everest: foto0005.jpg
China, Mount Everest: foto0006.jpg China, Mount Everest: foto0007.jpg China, Mount Everest: foto0008.jpg China, Mount Everest: foto0009.jpg China, Mount Everest: foto0010.jpg
China, Mount Everest: foto0011.jpg China, Mount Everest: foto0012.jpg China, Mount Everest: foto0013.jpg China, Mount Everest: foto0014.jpg China, Mount Everest: foto0015.jpg
China, Mount Everest: foto0016.jpg China, Mount Everest: foto0017.jpg China, Mount Everest: foto0018.jpg China, Mount Everest: foto0019.jpg China, Mount Everest: foto0020.jpg
China, Mount Everest: foto0021.jpg China, Mount Everest: foto0022.jpg China, Mount Everest: foto0023.jpg China, Mount Everest: foto0024.jpg China, Mount Everest: foto0025.jpg
China, Mount Everest: foto0026.jpg China, Mount Everest: foto0027.jpg China, Mount Everest: foto0028.jpg China, Mount Everest: foto0029.jpg China, Mount Everest: foto0030.jpg
China, Mount Everest: foto0031.jpg China, Mount Everest: foto0032.jpg China, Mount Everest: foto0033.jpg China, Mount Everest: foto0034.jpg China, Mount Everest: foto0035.jpg
China, Mount Everest: foto0036.jpg China, Mount Everest: foto0037.jpg China, Mount Everest: foto0038.jpg China, Mount Everest: foto0039.jpg China, Mount Everest: foto0040.jpg
China, Mount Everest: foto0041.jpg China, Mount Everest: foto0042.jpg China, Mount Everest: foto0043.jpg China, Mount Everest: foto0044.jpg China, Mount Everest: foto0045.jpg
China, Mount Everest: foto0046.jpg China, Mount Everest: foto0047.jpg China, Mount Everest: foto0048.jpg China, Mount Everest: foto0049.jpg China, Mount Everest: foto0050.jpg
China, Mount Everest: foto0051.jpg China, Mount Everest: foto0052.jpg China, Mount Everest: foto0053.jpg China, Mount Everest: foto0054.jpg